Make your own free website on Tripod.com

Frederico Garcia Lorca


Frederico Garcia Lorca werd op 5 juni 1898 nabij Granada geboren. Zijn vader, Frederico Garcia Rodriguez, was landeigenaar.

Op zijn zeventiende gaat Frederico aan de universiteit van Granada rechten studeren. Hij ruilt deze studie echter al snel voor letteren, muziek en beeldende kunst. Hier wordt hij voor het eerst geboeid door de zigeuners en de Andalusische folklore. Onder leiding van de componist Manuel de Falla onderzoekt hij de achtergronden van de Spaanse muziek.

Vanaf 1919 gaat hij aan de universiteit van Madrid studeren en logeert hij in het Residencia de Estudiantes, een studentenhuis dat op dat moment uitgroeit tot één der belangrijkste culturele centra van West-Europa. Hij komt er o.a. in kontakt met Salvador Dali en Luis Bunuel.

Na een kort verblijf in New York en Cuba (1929-1930) sticht hij in 1930 de universitaire toneelgroep La Baracca waarmee hij in opdracht van de republikeinse regering door het land trekt en stukken speelt van klassieke Spaanse schrijvers zoals Calderon, Lope de Vega en Cervantes.

Op 18 augustus 1936, kort na het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog, wordt hij in Viznar nabij Granada vermoord door de falangisten van Franco.

Frederico Garcia Lorca is vooral bekend als dichter, hij was echter ook een goed pianist en schilder; hij illustreerde zelf zijn eerste dichtbundels.

Zijn toneelstukken zijn afwisselend melancholisch, satirisch en zelfs surrealistisch. Hij bereikt echter zijn grootste dramatische kracht met steeds terugkerende thema's als de eer, het noodlot en de dood. Deze elementen komen vooral tot uiting in zijn wereldberoemde dramatische trilogie van het Spaanse land: Bloedbruiloft ('33), De Dorre Akker ('34) en Het Huis van Bernarda Alba ('36)